Herbariums en botanische collecties komen veelvuldig voor in de schilderkunst. Historisch gezien zijn ze nauw verbonden met de botanische illustratie en de schilderkunst uit de Renaissance en de Gouden Eeuw, toen wetenschappelijke ontdekkingen en kunst elkaar kruisten.
Oude meesters schilderden vaak gedetailleerde composities van bloemen en planten, die soms gebaseerd waren op geperste exemplaren of 'kruidboeken' (de historische term voor een herbarium).
Bekende kunstenaars zoals Maria Sibylla Merian combineerden kunst en entomologie/botanie door planten en insecten levensecht vast te leggen. Hoewel dit vaak als wetenschappelijk wordt gezien, worden deze aquarellen en tekeningen gerekend tot de fijne schilderkunst.
Een hedendaags voorbeeld is de Nederlandse kunstenares Esmée Winkel, die internationaal bekend staat om haar botanische schilderijen voor onder andere de Hortus botanicus Leiden.
Hedendaagse kunstenaars gebruiken echte herbariums als basis voor hun werk. Zo zijn er kunstenaars die gedroogde planten combineren met schildertechnieken (zoals aquarel en olieverf) op één doek, of ze gebruiken afdrukken van planten (monotypes). Een mooi voorbeeld is het werk van Piet Dieleman, die afdrukken van planten op papier verwerkt tot unieke grafische kunstwerken.
Ik zelf heb alleen maar bladeren verzameld en gedroogd. Overigens ook wilde bloemen en kruiden. Ik begon daar al mee toen ik een kind was. Soms maak ik een ‘wandbord’ van gedroogde bladeren, zoals op twee van de afbeeldingen te zien is.












